31. jan, 2019

De Bokelbulkes Losser: buurt- en carnavalsvereniging in één

 

LOSSER - Is De Bokelbulkes een buurtvereniging die ook aan carnaval doet, of is het een carnavalsvereniging die ook activiteiten voor de buurt organiseert? Het antwoord ligt ergens  in het midden. ,,We zijn de buurt in elk geval niet uit het oog verloren.” 

De carnavalsvereniging van het Hoge Boekel bestaat 44 jaar en heeft in al die jaren een behoorlijke verandering doorgemaakt. „We zijn ooit spontaan begonnen na een nieuwjaarsvisite in Glanerbrug”, vertelt oudgediende Bernhard Engbers. „Onze allereerste graaf kwam tevoorschijn van onder een wit laken. Heel veel stelde het toen nog niet voor, het was vooral een buurtfeest met als thema carnaval. Wat dat betreft is er in de afgelopen jaren wel het een en ander veranderd.” En: ,,We zijn in de loop van de 44 jaar dat we bestaan opgeschoven van een buurtvereniging naar een carnavalsvereniging zonder dat we de buurt uit het oog zijn verloren.

Verbindende rol

Wat nooit veranderd is, is de verbindende rol die De Bokelbulkes speelt in de grote buurtschap die ruwweg ligt tussen Enschede, Glanerbrug, Losser en de Lossersestraat bij Lonneker. „De vereniging is nog steeds een verbindend element in de buurt”, zegt voorzitter Bennie ten Vergert.  „We hebben ook leden die niets met carnaval hebben maar wel lid zijn. Sterker nog, als je geen lid bent van De Bokelbulkes hoor je er niet helemaal bij.”

Dat komt ook doordat de club veel activiteiten houdt buiten het carnaval om. „Het hele jaar door zien we elkaar, dat draagt zeker bij aan de verbondenheid van de buurt”, zegt Lianne Nijhuis, secretaris van de vereniging. Maar dat geldt niet alleen voor de ‘bulkes’, jongerenafdeling De Bokelkälfkes is in dit verband zeker zo belangrijk. „Wat geldt voor de ‘bulkes’ geldt zeker voor de ‘kälfkes’, zij spelen een belangrijke rol voor de jeugd uit onze buurtschap. Met bijna zestig leden doen ze het ook heel goed. En het mooie is dat de oudere ‘kälfkes’ doorstromen naar onze vereniging. Zo ziet de toekomst er ook goed uit.”

Vizier op Losser

Het jaar 1998 was een belangrijk jaar voor de vereniging. Toen besloot De Bokelbulkes zich aan te sluiten bij De Gaffel Aöskes in Losser. „De verenigingen waar wij contacten mee hadden hielden ermee op en omdat we voor een deel in de gemeente Losser liggen en daar ook leden hebben, besloten we ons vizier meer op Losser te richten”, zegt Ten Vergert.

Anno 2019 constateren de leden dat dat een goed besluit is geweest. „Tot 2007 hielden we vast aan de opkomst van onze hoogheid in het weekeinde voor carnaval. Op verzoek van De Gaffel Aöskes zijn we daar van afgestapt. Ook bij ons komt de hoogheid nu in het najaar, daarmee lopen we in de pas met de andere verenigingen. En eerlijk is eerlijk, dat bevalt ons heel goed. En het feest in het weekeinde voor het carnavalsweekeinde hebben we nog steeds.”

Lid zijn van De Gaffel Aöskes houdt ook deelname in aan de optochten in het dorp. „We hebben een actieve wagenbouwgroep”, vertelt Roy Kleine, „we missen alleen een plek waar we het hele jaar door kunnen bouwen. Nu kunnen we ons niet meten met wagens van de andere verenigingen. Maar heel erg vinden we dat niet hoor. Bij onze vereniging telt de gezelligheid van het carnaval het zwaarst.”

Soep

Die gezelligheid uit zich onder meer in het traditionele soep eten. „Het was traditie dat we na het frühschoppen in Glanerbrug op de zondag voor het carnaval bij de familie Heurman gingen soep eten”, vertelt Ten Vergert. „Alleen waren we op een gegeven met zo’n grote groep dat we niet meer bij Heurman terechtkonden. Dat soep eten doen we nu bij onze residentie Savenije in Lonneker maar het bestaat nog steeds en het het is nog steeds een van de gezelligste momenten van het carnaval.”

Wat de toekomst betreft, die ziet het bestuur van De Bokelbulkes met vertrouwen tegemoet. Bestuurslid Karin Schuurs: „Als je op onze feesten kijkt zie je jong en oud door elkaar lopen. Ouders zijn lid en de kinderen ook en we kennen elkaar allemaal. Zo lang we die sfeer weten te behouden zit het wel goed bij De Bokelbulkes.”

Bron: TC Tubantia